Speech burgemester Paul Depla bij herdenking Joods monument Kristallnacht zondagmiddag 10 november 2019

 

Goedemiddag dames en heren,

Goed u op deze bijzondere plek te ontmoeten; aan het begin van deze Kristallnachtherdenking. Dit keer niet in het donker, maar op een tijdstip waarop ik u ook echt kan zien. Sinds jaar en dag vormt deze samenkomst, gevolgd door de lezing in de kathedraal en de wandeling door hartje Breda, een indrukwekkende herdenking. En helaas ook een noodzakelijke herdenking.

U weet het: 2019 en 2020 zijn bijzondere jaren voor Breda, voor Nederland. We herdenken en vieren 75 jaar vrijheid. We hebben in Breda nog maar net een speciale maand oktober achter de rug, met volop aandacht voor het verhaal van onze Poolse bevrijders. Het belang daarvan werd onderstreept door het bezoek van twee staatshoofden aan onze stad. Maar er zijn ook veel andere verhalen verteld. Persoonlijke getuigenissen die ons beter leren begrijpen wat de gevolgen zijn van haat, uitsluiting en oorlog. Over verwoeste levens, strijders die niet terug konden naar hun eigen land en families die uiteen werden gereten.

Verhalen over herwonnen vrijheid, die door lang niet iedereen als echte vrijheid werd ervaren.

 

Veel van die verhalen zijn in de maand oktober samengebracht. Zoals het verhaal van jou, Philip, in de synagoge in Breda. Je vertelde er je eigen geschiedenis.

Een verhaal dat verteld moet worden. Keer op keer. Over je ouders, die zijn weggevoerd naar een concentratiekamp. Over het onraad dat ze voelden, waardoor jij, een Joods jongetje van nog geen anderhalf jaar, bij familie in Limburg terecht kwam en daarmee je leven werd gered. Daar kreeg je een andere identiteit en bracht je de oorlogsjaren door als het katholieke jongetje Robbie.

Voor kinderen als Robbie en andere overlevenden, betekende de bevrijding niet méér dan het feitelijke einde van de oorlog. Want wat is er te vieren als alles van je is afgenomen?

 

Je hebt je ouders na de oorlog nooit meer teruggezien, Philip.

Wat dit voor een kind betekent, is niet te bevatten. Toch is het een verhaal dat in alle gruwelijkheid opnieuw verteld moet worden. Omdat echte verhalen over echte mensen ons aan het denken zetten.

En iedere keer als je jouw geschiedenis vertelt Philip, richt je een monument op voor je vader en moeder. Een monument waarmee jij en veel lotgenoten duidelijk maken: ‘We waren dan wel bevrijd, maar we zijn nooit echt vrij geweest.’

Daarom kunnen we vieren niet los zien van herdenken.

In Breda brengen we het samen. Wat onze achtergrond ook is, hoe verschillend we ook zijn. Die verscheidenheid is juist mooi en we dragen dat ook uit.

We zorgen ervoor dat we getuigenissen en de werkelijke betekenis van vrijheid doorgeven aan onze kinderen. We leggen uit dat we samen verantwoordelijk zijn voor vrede en vrijheid. Een geluid tegen de verharding overal in onze maatschappij.

 

Vrij zijn, maar niet over straat kunnen omdat je je anders voelt of er anders uitziet. Je keppeltje niet durven opzetten omdat je dan wordt uitgescholden of bedreigd. Niet vrijuit kunnen spreken omdat je gelooft, of omdat je juist niet gelooft. Gevaar lopen omdat je onze democratie, onze rechtsstaat verdedigt Wat betekent vrijheid vandaag de dag dan nog?

Des te belangrijker is het dat we daarover praten. En kijken hoe we in Breda en daarbuiten ervoor zorgen dat we samen vooruit komen. Dat we samenwerken en ons realiseren dat vrijheid nooit vanzelfsprekend is. Wees dus alert. Waarschuw voor glasgerinkel!

Voor de toekomst van onze kinderen en kleinkinderen in een menswaardige maatschappij. Dan nemen we 75 jaar vrijheid niet voor lief.

 

Dank u wel.